Afscheidsdienst de heer Willem Vliek Afscheidsdienst de heer Willem Vliek

Tijdens het binnendragen van de kist speelt de pianist: Psalm 139 ‘Heer, die mij ziet, zoals ik ben’

Welkom

Bemoediging en groet

Aansteken kaarsen

We luisteren naar: BLØF, ‘Mooie dag’

Gedicht

Zingen: NLB 675

1.Geest van hierboven,

leer ons geloven,

hoped, liefhebben door uw kracht!

Hemelse Vrede,

deel U nu mede

aan een wereld die U verwacht!

Wij mogen zingen

van grote dingen,

als wij ontvangen

al ons verlangen,

met Christus opgestaan. Halleluja!

Eeuwigheidsleven

zal Hij ons geven,

als wij herboren

Hem toebehoren,

die ons is voorgegaan. Halleluja!
 

2.Wat kan ons schaden,

wat van U scheiden,

Liefde die ons hebt liefgehad?

Niets is ten kwade,

wat wij ook lijden,

Gij houdt ons bij de hand gevat.

Gij hebt de zege

voor ons verkregen,

Gij zult op aarde

de macht aanvaarden

en onze koning zijn. Halleluja!

Gij, onze Here,

doet triomferen

die naar U heten

en in U weten,

dat wij Gods kindr’en zijn. Halleluja!
 

Gebed

Schriftlezing: Deuteronomium 6, 4-9 (Sjema Jisrael)

4 Luister, Israël: de HEER, onze God, de HEER is de enige! 5Heb daarom de HEER, uw God, lief met ​hart​ en ziel en met inzet van al uw krachten. 6 Houd de geboden die ik u vandaag opleg steeds in gedachten. 7 Prent ze uw ​kinderen​ in en spreek er steeds over, thuis en onderweg, als u naar ​bed​ gaat en als u opstaat. 8 Draag​ ze als een teken om uw arm en als een band op uw voorhoofd. 9 Schrijf ze op de deurposten van uw ​huis​ en op de ​poorten​ van de stad.

Zingen: NLB 320

1.Wie oren om te horen heeft,

hore naar de wet die God hem geeft:

gij zult geen vreemde goden,

maar Mij alleen belijden voortaan.

Hoor, Israël, mijn geboden.


2.Bemint uw Heer te allen tijd,

dient Hem met alles wat gij zijt,

aanbidt Hem in uw daden.

Dit is het eerste en grote gebod,

de wil van God, uw Vader.

 

3.Biedt uw naaste de helpende hand,

spijzigt de armen in uw land,

een woning wilt hen geven.

Het tweede gebod is het eerste gelijk;

doet dit, en gij zult leven.

 

4.De macht der liefde is zo groot,

geen water blust haar vuren uit,

wanneer zij is ontstoken.

Nu wilt ontbranden aan liefdeswoord,

God heeft het tot ons gesproken.
 

Schriftlezing: Psalm 139: 1-18 

1 Voor de koorleider. Van ​David, een psalm.

HEER, u kent mij, u doorgrondt mij,

2 u weet het als ik zit of sta,

u doorziet van verre mijn gedachten.

3 Ga ik op ​weg​ of rust ik uit, u merkt het op,

met al mijn ​wegen​ bent u vertrouwd.

4 Geen woord ligt op mijn tong,

of u, HEER, kent het ten volle.

5 U omsluit mij, van achter en van voren,

u legt uw hand op mij.

6 Wonderlijk zoals u mij kent,

het gaat mijn begrip te boven.

7 Hoe zou ik aan uw aandacht ontsnappen,

hoe aan uw blikken ontkomen?

8 Klom ik op naar de hemel – u tref ik daar aan,

lag ik neer in het dodenrijk – u bent daar.

9 Al verhief ik mij op de vleugels van de dageraad,

al ging ik wonen voorbij de verste zee,

10 ook daar zou uw hand mij leiden,

zou uw rechterhand mij vasthouden.

11 Al zei ik: ‘Laat het duister mij opslokken,

het licht om mij heen veranderen in nacht,’

12 ook dan zou het duister voor u niet donker zijn –

de nacht zou oplichten als de dag,

het duister helder zijn als het licht.

13 U was het die mijn nieren vormde,

die mij ​weefde​ in de buik van mijn moeder.

14 Ik loof u voor het ontzaglijke wonder van mijn bestaan,

wonderbaarlijk is wat u gemaakt hebt.

Ik weet het, tot in het diepst van mijn ziel.

15 Toen ik in het verborgene gemaakt werd,

kunstig ​geweven​ in de schoot van de aarde,

was mijn wezen voor u geen geheim.

16 Uw ogen zagen mijn vormeloos begin,

alles werd in uw ​boekrol​ opgetekend,

aan de dagen van mijn bestaan ontbrak er niet één.

17 Hoe rijk zijn uw gedachten, God,

hoe eindeloos in aantal,

18 ontelbaar veel, meer dan er zandkorrels zijn.

Ontwaak ik, dan nog ben ik bij u.
 

Schrift lezing: Openbaring 22:13

13 Ik ben de alfa en de omega, de eerste en de laatste, het begin en het einde.’

Overdenking

We luisteren naar Ronan Keating ‘If tomorrow nevercomes’

Gebed

Zingen: NLB 885

Groot is uw trouw o Heer, mijn God en Vader.

Er is geen schaduw van omkeer bij U.

Ben ik ontrouw, Gij blijft immer dezelfde,

die Gij steeds waart; dat bewijst Gij ook nu.

 

refrein:

Groot is uw trouw o Heer, groot is uw trouw o Heer,

iedere morgen aan mij weer betoond.

Al wat ik nodig had, hebt Gij gegeven,

groot is uw trouw o Heer, aan mij betoond.

 

Gij geeft ons vrede, vergeving van zonden,

en uw nabijheid, die sterkt en die leidt;

kracht voor vandaag, blijde hoop voor de toekomst.

Gij geeft het leven tot in eeuwigheid.

refrein

 

Tijdens het uitdragen van de kist speelt de pianist:Evangelische liedbundel 132: ‘U zij de glorie’ 

De dienst wordt op de begraafplaats voortgezet:

- Woorden van afscheid
- Onze Vader
- Zegen
terug